1 / 44

Conjunctivitis

Conjunctivitis. een ontsteking van het bindvlies van het oog; dit zit tussen het ooglid en het oogwit het oog is rood, iets gevoelig, heeft min of meer secreet, soms iets fotofobie de visus is als regel niet of nauwelijks gedaald meestal binnen een week spontaan herstel

niveditha
Download Presentation

Conjunctivitis

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Conjunctivitis • een ontsteking van het bindvlies van het oog; dit zit tussen het ooglid en het oogwit • het oog is rood, iets gevoelig, heeft min of meer secreet, soms iets fotofobie • de visus is als regel niet of nauwelijks gedaald • meestal binnen een week spontaan herstel • zelden complicaties • patiënt met een rood oog: 70% conjunctivitis

  2. Conjunctivitis

  3. Allergische conjunctivitis • symptoom jeuk staat erg op de voorgrond • meestal samen met een allergische rinitis Conjunctivitis door contactallergie •overgevoeligheid voor cosmetica, conserveer- middelen in oogdruppels, bewaar- en reinigingsvloeistoffen voor contactlenzen • deze conjunctivitis gaat nooit samen met rinitis

  4. Allergische conjunctivitis

  5. Giant papillary conjunctivitis

  6. Bacteriële conjunctivitis • 'soepoog', vaak gepaard met een blefaritis • bij volwassenen streptokok 52%, Haemophilus 16%, stafylokok 24%, anders 5% • bij kinderen Haemophilus 60%, streptokok 10%, Moraxella 10% • bij neonaten, 2e-3e dag: Neisseria gonorrhoeae; 5e-10e dag Chlamydia trachomatis of herpes simplex; neonaten behandeling door de oogarts

  7. Bacteriële conjunctivitis

  8. Conjunctivitis - gonorroe

  9. Virale conjunctivitis • meestal door een adenovirus, in beide ogen • nogal eens samen met verkoudheid, keelpijn en lymfkliervergroting • zeer besmettelijk, vaak epidemietjes bij kinderen • klachten verergeren in 4-7 dagen en verdwijnen meestal < 10 dagen spontaan • soms wekenlange irritatie en visusdaling • berucht: herpes simplexvirus type 1

  10. Virale conjunctivitis

  11. Keratitis dendritica

  12. Herpes zoster

  13. Conjunctivitis sicca • beschadiging van de conjunctiva en (vaak ook) van de cornea bij droge ogen • vooral bij ouderen en diabetici • meestal een gevolg van involutie van de traanklier, gevolg: verminderde traanproductie • soms in het kader van een aandoening: SLE, Sjögren, reumatoïde artritis, Besnier-Boeck • neuroleptica, antidepressiva, bètablokkers, antihistaminica, cytostatica, acetylsalicylzuur, parasympathicolytica (incontinentie, overactieve blaas)

  14. Conjunctivitis sicca

  15. Blefaritis • chronische ontsteking haarzakjes en talgkliertjes van de ooglidrand; vaak met conjunctivitis • oorzaak is lang niet altijd bekend • vaak is een stafylokok in het spel • kan allergisch zijn • komt ook voor bij eczeem, rosacea, herpes • een hardnekkige aandoening

  16. Blefaritis

  17. Episcleritis • ontsteking van het diepe (sub)conjunctivale weefsel en de oppervlakkige laag van de sclera • vooral op jongvolwassen en middelbare leeftijd • meestal geen oorzaak • soms bij reumatische aandoeningen • geneest binnen enkele weken spontaan • vaak recidieven

  18. Episcleritis

  19. Subconjunctivale bloeding

  20. Iridocyclitis • ontsteking van de iris en het corpus ciliare • veroorzaakt erg veel oogklachten - oogarts • relatief vaak bij personen met Morbus Bechterew, juveniele reumatoïde artritis; ziekte van Lyme, Besnier-Boeck, ziekte van Crohn en colitis ulcerosa

  21. Iridocyclitis

  22. Glaucoom - I • aandoening van de oogzenuw > 40 1%, > 80 2-6% • sluipend gezichtsveldverlies en blindheid • belangrijkste risicofactor: hoge oogdruk >20-21 mm • bij 15-40% glaucoompatiënten druk niet verhoogd • oculaire hypertensie: glaucoomkans 2%, behandeling? • andere risicofactoren: familie, leeftijd,negroïde, myopie (> 4 dioptrie), HV-ziekte, diabetes, migraine • positieve familieanamnese: boven 40 naar de oogarts!

  23. Acuut glaucoom

  24. Glaucoom - II • primair (open/gesloten) en secundair glaucoom • secundair t.g.v. uveïtis, diabetes, oogaandoening • open-kamerhoekglaucoom = glaucoma simplex of chronisch glaucoom: belemmering afvoer kamerwater ter hoogte van trabekelsysteem • gesloten-kamerhoekglaucoom, meestal eerst acuut glaucoom = belemmering afvoer kamerwater ter hoogte van pupil: heftige hoofdpijn, misselijk, braken, visusdaling, wijde stijve pupil, rood oog • parameters: druk, papilexcavatie, gezichtsveld

  25. Behandeling conjunctivitis niet-medicamenteus • hygiënische maatregelen om verspreiding van infectie te voorkomen (andere oog, huisgenoten): - schoonmaken oogleden met schoon water of fysiologisch zout - frequent handen wassen - niet in de ogen wrijven - schone aparte handdoek gebruiken • verwijderen secreet met gewoon water • bij ernstige klachten: zonnebril dragen

  26. Medicamenteuze behandeling conjunctivitiden • druppels, zalf/gel: nacht, corneadefect, blefaritis • één druppel per keer in de conjunctivaalzak • betere opname in oog: oog 1 minuut dichthouden • niet snelle afvoer: traanbuis dicht 1-3 minuten • combinatie van druppels: interval ≥ 5 minuten • www.oogdruppelen.nl • hulpmiddelen: Eyot, Autodrop, Autosqueeze, Cosopt spiegeltje, Dripaid, Xal-Ease • nimmer bij dragen zachte contactlenzen

  27. Allergische conjunctivitis • kan verlicht worden met alleen lokale middelen in de neus als er tevens rinitis is! • koude kompressen kunnen verlichting geven • levocabastine/azelastine 2(-4) dd 1 gtt [emedastine/ketotifen/olopatadine 2 dd 1 gtt] • bij onvoldoende effect: maximaal 3 dagen prednisolon-oogdruppels 0,5% 3-4 dd 1 gtt aan het antihistaminicum toevoegen • NSAID-oogdruppels kunnen ook, maar zijn voor deze indicatie niet geregistreerd

  28. Conjunctivitis door contactallergie • veroorzakend agens vermijden! • fenylefrine 0,125-0,25% druppels 3 dd 1-2 gtt • nafazoline 3-4 dd 1 gtt • oxymetazoline 2 dd 1-2 gtt • bij hevige klachten: prednisolon-oogdruppels 0,5% 3-4 dd 1 gtt gedurende enkele dagen • zwelling en eczeem oogleden: hydrocortisoncrème NB. Oogheelkunde: antihistaminica + kunsttranen

  29. Bacteriële conjunctivitis • kan met regelmatige reiniging met leidingwater • als veel hinder of na 3 dagen niet minder: - chlooramfenicolzalf 2-4 dd, druppels 4-6 dd 1; • als < 72 uur na start antibiotica geen verbetering: polymyxine B/trimethoprim druppels 4 dd 1 • gebruiken tot 48 uur na verdwijnen symptomen • antibiotica niet langer dan 1-2 weken gebruiken • reserve: gentamycine, tobramycine, chinolonen NB 80% ziekteverwekkers is resistent voor fusidinezuur

  30. Conjunctivitis door virus • therapie is zelden nodig, evt. maximaal 1 week: - fenylefrine 0,125-0,25% druppels 3 dd 1-2 gtt - nafazoline 3-4 dd 1 gtt - oxymetazoline 2 dd 1-2 gtt • herpesvirus: - (blefaro)conjunctivitis/ooglidrand: aciclovir 5 dd t/m 3 dagen na volledig verdwijnen van symptomen - keratitis dendritica: oogarts! NB Zinksulfaatdruppels zijn obsoleet!

  31. Conjunctivitis sicca - droge ogen • goede luchtvochtigheid, geen airco/blowers • hypromellosedruppels, max. 1 gtt per uur • carbomeergel naar behoefte 1 gtt • methylcellulose 2-6 dd 1 gtt • polyvidon 4-5 dd 1-2 gtt • bij ochtendklachten vesp. gel of zalf; overdag niet • ook als diagnosticum, na 1 dag al effect! • als geen effect ander preparaat proberen • meer klachten/vaker druppelen: mogelijk irritatie op conserveermiddel; conserveermiddelvrije substituten

  32. Behandeling blefaritis • NHG-Standaard: 2 dd ooglidranden poetsen met wattenstokjes met babyshampoo (1 : 3); daarna reinigen met lauw water • zo nodig tevoren korsten losweken met een warm kompres gedurende 15 minuten • bij onvoldoende effect: fusidinezuurgel 2 dd op de ooglidranden en in de conjunctivaalzak • hydrocortison/oxytetracycline/polymyxine B zalf of druppels bij nog onvoldoende effect • chronische blefaritis: kunsttranen

  33. Lasogen – corpus alienum • conjunctivitis fotoelectrica door overmatig UV-licht: lassen, sneeuw, zonnebank; oxybuprocaïne, minim mee naar huis geven, gebruik max. 12 uur nadien beëindigen • corpus alienum - vaak onder bovenooglid; ooglid omklappen - op de cornea; verwijderen evt. uitboren - als defect: chlooramfenicol oogzalf zonder oogverband (oogarts: wel baat bij verband) - evt. paracetamol 3 dd 1000 mg

  34. Roestring

  35. Erosie

  36. Episcleritis • geneest binnen enkele weken spontaan • eventueel koude oogkompressen ter verlichting • NHG: prednisolondruppels 0,5% 3-4 dd 1 gtt gedurende 3 dagen Oogarts: vaak recidief na stoppen van de prednisolondruppels; eerste keus: oraal NSAID + kunsttranen

  37. Diversen • tranende ogen door: prikkelende stoffen, ontstekingen, emotie, trauma, corpus alienum, trichiasis, traanwegstenose (neonaat, oudere) • traanzakontsteking: antibiotica, incisie, chirurgie • hordeolum - uitwendig: strontje – hete kompressen - inwendig: chalazion – evt. antibiotica; chirurgie • etsing: SPOELEN kraanwater 10-20 minuten HA: chlooramfenicol oogzalf of verwijzen • staar = cataract = operatie en kunstlensplaatsing • nastaar: laserbehandeling

  38. Chalazion

  39. Hordeolum externum

  40. Traanwegen – stenose baby

  41. Glaucoom • eerste keus: niet-selectieve bètablokker: carteolol, levobunolol, metipranolol, timolol; betaxolol • 2e keus: prostaglandineagonist: bimatoprost latanoprost, travoprost; bruine iris! • alternatief: koolzuuranhydraseremmer: brinzolamide, dorzolamide; brimonidine • op de achtergrond: dipivefrine; pilocarpine • laserbehandeling of operatie

  42. Maculadegeneratie Zelden < 65 jaar; > 80 jaar 10%; ±100.000 mensen Risicofactoren: genetisch, roken, overmatig licht • Droge vorm – atrofie; 85-90%; geen behandeling; Kompas: nut voedingssupplementen/antioxidanten niet bewezen; PW 2006(6): vitamine E en zink; oogarts bij ziekte: supplement Macula Support • Natte vorm – nieuwgroei van bloedvaten in het vaatvlies; 10-15%; 90% binnen enkele jaren blind; beste werkzaam zijn angiogeneseremmers: ranibizumab (Lucentis®), bevacizumab (Avastin®)

More Related